Faalangst bij kinderen

Steeds meer kinderen krijgen tegenwoordig te maken met faalangst. Kinderen met faalangst kunnen hier behoorlijk veel hinder van ondervinden in hun dagelijkse leven. Een kind met angst om te falen heeft vaak een laag zelfbeeld, krijgt geregeld te maken met pesten en durft zichzelf vaak minder goed te laten zien.

Ook doen kinderen met weinig zelfvertrouwen zichzelf vaak anders voor dan ze echt zijn, uit angst om afgewezen te worden of niet leuk gevonden te worden. De angst heeft een negatieve invloed op het zelfvertrouwen en de angst om te falen wordt steeds groter. Een kind met faalangst heeft steeds vaker negatieve gedachten en sommige kinderen ontwikkelen uiteindelijk zelfs een depressie.

Uit onderzoek blijkt daarnaast dat faalangst geregeld van ouder op kind wordt overgebracht, waardoor ook hun kinderen weer een grotere kans hebben op faalangst.

Uitingsvormen van faalangst

Faalangst bij kinderen kan zich op verschillende manieren uitten. We maken hierbij onderscheid in de actieve vorm en de passieve vorm.

De actieve vorm van faalangst

Kinderen met de actieve vorm van faalangst zijn erg bang om niet goed genoeg te presteren en gaan hierdoor heel hard werken om maar geen fouten te maken. Ze stellen vaak enorm hoge eisen aan zichzelf en bereiden zich tot in detail voor, om te voorkomen dat ze falen.

Door de spanning die ze hierbij opbouwen, gaat het tijdens toetsen toch vaak mis. De stress wordt ze teveel en ze krijgen een black-out. Ze denken zelf vaak dat het dichtklappen komt, omdat ze niet goed genoeg hebben voorbereid en de keer erop gaan ze nog harder hun best doen en zichzelf nog meer druk opleggen. Het gevolg is een negatieve spiraal, waarin de spanning steeds verder opbouwt en het zelfvertrouwen van het kind steeds minder wordt. Ook krijgen ze door de stress steeds vaker een black-out. Kinderen met de actieve vorm van faalangst zijn vaak erg perfectionistisch en zetten zich het liefst altijd voor 200% in.

De passieve vorm van faalangst

Een kind met de passieve vorm van faalangst is soms lastig te herkennen. Vaak zijn dit kinderen die overkomen alsof dingen ze weinig interesseert, ze zetten zich vaak maar minimaal in en behalen hierdoor resultaten die onder het te verwachten niveau zijn. Ook zijn dit vaak kinderen die wel ideeën hebben maar die steeds maar niet in actie komen. Ze blijven dingen maar uitstellen, en uiteindelijk komt dan vaak afstel.

Ouders en leraren zullen vaak denken dat deze kinderen er weinig zin in hebben en zullen uiteindelijk boos of geïrriteerd reageren. Dit zorgt ervoor dat een kind nog slechter over zichzelf gaat denken en zich alleen maar minder in gaat zetten. Want als het kind zich niet inzet, lage verwachtingen heeft én situaties uit de weg gaat waarin het fouten kan maken, kan het resultaat uiteindelijk ook niet tegenvallen.

Ook kinderen met deze vorm kunnen behoorlijk belemmerd worden door hun faalangst. Ze zijn zo bezig met het uit de weg gaan van enge situaties en vermijden dat ze angst hoeven voelen, dat ze uiteindelijk steeds verder geïsoleerd raken en steeds minder dingen doen. Ook merk je aan een kind met passieve faalangst dat het vaak moeite heeft met keuzes maken. Ze kunnen behoorlijk besluiteloos zijn en wanneer ze dan uiteindelijk een beslissing genomen hebben, kunnen ze alsnog terug krabbelen.

Daarnaast zullen ze te maken krijgen met onbegrip van hun omgeving. Ze krijgen het stempel “Lui” en “Laks”, terwijl ze dit niet zijn. Ze besteden veel tijd en energie aan negatieve gedachtes over zichzelf en over de dingen die ze moeten doen. Ze zien overal beren op de weg en zijn een kei in het verzinnen van doemscenario’s.

Drie soorten faalangst

Naast de verschillende uitingsvormen van faalangst maken we ook nog onderscheid in de situatie waarin kinderen faalangst hebben.

Cognitieve faalangst

De meest bekendste vorm van faalangst is de cognitieve faalangst. Dit is de soort faalangst die optreedt tijdens het denken. Deze vorm van faalangst komt bij kinderen vaak naar voren in schoolse activiteiten. Bijvoorbeeld wanneer ze op de basisschool een CITO-toets of op de middelbare school toetsen of examens moeten maken. Maar ook tijdens het maken van huiswerk, bij het houden van een spreekbeurt of het geven van een presentatie voor de klas kan cognitieve faalangst een rol spelen.

Een kind kan bijvoorbeeld heel lang nadenken over een antwoord, heel veel tijd besteden aan voorbereiding, llast hebben van black-outs, maar ook proberen te voorkomen dat het in zo’n situatie waarin het angst ervaart terecht komt.

Sociale faalangst

Sociale faalangst is de angst die optreedt in alle vormen van sociale contacten. Je kan hierbij denken aan het binnenkomen in een ruimte met onbekende mensen, hoe een kind zich opstelt in een groep, maar ook hoe het omgaat met vriendschappen en relaties.

Een kind met sociale faalangst kan zich anders voordoen als het is, last krijgen van stotteren, heel verlegen lijken, erg brutaal doen of vanuit spanning juist hele “onhandige” dingen zeggen.

Ook kan een kind met sociale faalangst uiteindelijk steeds eenzamer worden en een sociale angststoornis ontwikkelen.

eenzaamheid verdriet sociale faalangst kind

Motorische faalangst

Motorische faalangst is de vorm van angst die optreedt bij alles waarbij je beweegt. Denk hierbij aan bijvoorbeeld de angst om iets niet goed te doen tijdens gymnastiek, maar ook bang zijn om bijvoorbeeld tijdens het knutselen of muziek spelen dingen niet goed te doen.

Ook kunnen kinderen met motorische faalangst heel onhandig zijn. Wanneer ze bijvoorbeeld in een situatie zitten waarin ze zich niet op hun gemak voelen, kunnen ze vaak dingen laten vallen of iets omstoten.

Combinatie van verschillende soorten faalangst

Meestal hebben kinderen niet één vorm van faalangst, maar is er wel één vorm overheersend. Het onderscheid tussen de verschillende soorten faalangst is vaak ook lastig te maken, omdat je bijvoorbeeld tijdens het geven van een presentatie zowel bezig bent met het “denken” en kennis (cognitieve angst) als met hoe jij overkomt op de ander (sociale angst). En wanneer jij ook nog beweegt tijdens een presentatie speelt ook motorische angst een rol.

Eigenlijk maakt het ook helemaal niet uit. Zolang je maar herkent dat er sprake is van faalangst bij je kind.

faalangst bij kinderen

Herken faalangst bij je kind

Faalangst bij kinderen is, zoals ik hierboven al vertelde, soms behoorlijk lastig te herkennen. Er zijn wel verschillende signalen die erop kunnen wijzen dat een kind last heeft van faalangst.  Wanneer je bij je kind één of meerdere van de volgende signalen herkent, is de kans groot dat er sprake is van faalangst.

Het kind:
  • Heeft weinig zelfvertrouwen
  • Heeft vaak negatieve gedachten
  • Is bang om te falen
  • Presteert slecht (of minder goed dan je zou verwachten) op school
  • Gaat niet met plezier naar school
  • Heeft geregeld vage lichamelijke klachten als buikpijn, hoofdpijn, misselijkheid
  • Heeft moeite met sociaal contact
  • Heeft last van spanningsklachten voor toetsen/ presentaties
  • Toont weinig inzet voor school
  • Legt zichzelf veel druk op en/of is erg perfectionistisch
  • Vind zijn prestaties meestal niet goed genoeg
  • Heeft angst voor nieuwe situaties
  • Heeft door de spanning moeite met het opnemen van nieuwe leerstof
  • Gaat conflicten uit de weg
  • Probeert overal controle op te houden
  • Doet zich anders voor dan hij of zij is

Situaties waarin het kind last heeft van faalangst

Een kind kan in heel veel situaties last hebben van faalangst. Bijvoorbeeld tijdens schoolse activiteiten op de basisschool of op de middelbare school, maar ook bij het uitoefenen van een hobby of sport.

Faalangst en keuzestress

Ook wanneer een kind keuzes moet maken, kan faalangst opspelen. Een kind kan bang zijn om de foute keuze te maken en stelt het maken van keuzes steeds maar uit. Dit kan bijvoorbeeld de keuze zijn naar welke school op het voortgezet onderwijs het kind wil, welke opleiding het wil gaan doen, maar ook (in onze ogen simpele) keuzes als wat neem ik vandaag op brood, met wie ga ik spelen, welke kleur wil ik mijn kamer of welk cadeautje wil ik voor mijn verjaardag kunnen voor een kind met faalangst erg lastig zijn.

Faalangst bij sociale contacten

Ik noemde deze situatie eerder in dit artikel al, maar kinderen kunnen ook op sociaal vlak behoorlijke problemen ontwikkelen. Zo kunnen ze zich teveel aantrekken van wat een ander van ze vindt en zich hier ook naar gedragen. Ze kunnen bijvoorbeeld dingen gaan doen, waarbij ze over hun persoonlijke grenzen gaan. Denk bijvoorbeeld aan criminele activiteiten en seksuele activiteiten. Een kind met faalangst is vaak erg beïnvloedbaar.

Ook hebben kinderen met sociale faalangst soms moeite met het aangaan van een gesprek met onbekende mensen. Hierdoor maken ze minder snel vrienden en hebben het lastig wanneer ze bijvoorbeeld naar een nieuwe school gaan of bijvoorbeeld een stageplek moeten regelen.

Wanneer er niets aan sociale faalangst gedaan wordt, kan faalangst uiteindelijk leiden tot een Sociale angststoornis.

Controle willen houden

Naast het over hun persoonlijke grenzen gaan, behoort ook het vermijden van nieuwe, onbekende situaties tot de mogelijke gevolgen van faalangst.

Een kind met faalangst probeert zoveel mogelijk de controle te houden, zodat het geen fouten kan maken. Wanneer deze controle wegvalt, bijvoorbeeld in een onbekende omgeving of situatie, voelen ze zich extra onzeker. Ze weten niet wat er van ze verwacht wordt, kunnen niet anticiperen op de situatie en dat veroorzaakt angst.

Sommige kinderen kunnen erg emotioneel reageren wanneer ze de controle dreigen te verliezen. Ze worden boos, beginnen te huilen of krijgen driftbuien. Hun steunpilaar valt dan weg en “angst” uit zich dan in andere emoties.

huilend meisje met faalangst

De invloed van een laag zelfbeeld

Voor kinderen op de middelbare school en op het MBO, HBO of de universiteit speelt de factor persoonlijke ontwikkeling ook een behoorlijk rol in faalangst. Wanneer een kind in de pubertijd komt, gaat het steeds meer op zoek naar vragen als;

  • Wie ben ik?
  • Wat wil ik?
  • Waar ben ik goed in?
  • Hoe zien anderen mij?
  • Hoe verhoud ik tot een ander?
  • Welke plek neem ik in in een groep?
  • Hoe is de verhouding met mij en mijn ouders?
  • Wat kan ik zelfstandig, waar heb ik hulp bij nodig?

Om deze vragen goed te kunnen beantwoorden is het belangrijk dat een kind of jongere een goed zelfbeeld heeft. Wanneer deze te hoog is, zal het kind zich overschatten en wanneer dit beeld te laag is juist onderschatten. Bij het onderschatten van zichzelf zal het zichzelf kleiner maken dan zijn omgeving en is de kans groot dat anderen over hem of haar heen lopen. Hierdoor gaat het kind zich nog kleiner voelen en denkt het dat hij of zij er niet toe doet.

Het zelfbeeld heeft veel invloed op alle bovengenoemde factoren. Een kind met een laag zelfbeeld zal geneigd zijn snel te denken “dat kan ik niet”, “ik ben niet goed genoeg”, “ik heb geen invloed”, “ik ben afhankelijk van mijn ouders”. Dit geeft een gekleurd beeld en doordat het kind deze gedachtes heeft zal het zich er ook naar gaan gedragen. Vervolgens wordt het weer bevestigd in zijn of haar gedachtes en zal het zelfbeeld nog verder omlaag gaan.

Faalangst gaat niet vanzelf over

Ik hoor vaak dat er gezegd wordt dat kinderen er wel overheen groeien, maar dit is helaas vaak niet het geval. Hoewel volwassenen vaak strategieën geleerd hebben om situaties waarin faalangst optreedt te vermijden, blijft faalangst het hele leven een rol spelen. Het belemmert het kind in zijn schooltijd, maar heeft ook invloed op de studiekeuze en het wel of niet doen van een vervolgopleiding. Ook met solliciteren of het maken van carrière kan faalangst een behoorlijke invloed hebben.

Iedere keer als het niet lukt om een spannende situatie te vermijden en de angst weer bevestigd wordt, loopt het zelfvertrouwen een deuk op. En bij minder zelfvertrouwen is de controle op faalangst weer kleiner. Dit zorgt dat het kind steeds onzekerder wordt en dat het steeds lastiger wordt om faalangst onder controle te krijgen. Het kind beland in een negatieve spiraal en zal hier zelf niet meer alleen uit kunnen komen.

Wat kun je als ouder doen om het kind te helpen?

Als ouder kan je je kind heel goed helpen om meer zelfvertrouwen te ontwikkelen. De oorzaken van faalangst kunnen erg uiteenlopend zijn en vaak is niet één oorzaak aan te wijzen, maar gaat het om een combinatie van verschillende factoren. Kinderen kunnen bijvoorbeeld faalangst ontwikkelen doordat ze geen stabiele basis hebben gehad in hun jonge jaren, maar ook veel kinderen zijn eigenlijk juist te beschermend opgevoed. Ouders willen het graag goed doen, maar wanneer het kind niet van jongs af aan geleerd heeft om dingen zelf uit te proberen en zelf op te lossen, zal het hier in de pubertijd moeite mee krijgen.

Gelukkig kan je je kind alsnog helpen om meer zelfvertrouwen te ontwikkelen.

Laat het kind fouten maken

Het is heel belangrijk dat je als ouder je kind laat merken dat het wel wat waard is en dat het veel meer kan dan het zelf denkt. Probeer niet automatisch te hulp te schieten, maar laat het kind ontdekken en fouten maken. Laat wel merken dat je er altijd bent als het kind je echt nodig heeft.

Hierdoor leert het kind dat het fouten MAG maken.

Neem je eigen zelfvertrouwen eens onder de loep

Kinderen gebruiken hun ouders als voorbeeld voor hun gedrag. Wanneer één of beide ouders zelf last heeft van faalangst, ziet een kind dit bijbehorende gedrag als normaal en sociaal gewenst. De kans is groot dat het kind dit gedrag over zal nemen.

Daarnaast willen volwassen met faalangst graag alles zo goed mogelijk doen en dit geldt ook voor de opvoeding. Besef je dat je niet overal invloed op hebt en zeker niet op een kind wat in de pubertijd zit. Laat deze controle wat meer los en laat je kind zelf ontdekken wie het is. De kans is groot dat je kind dan juist sneller naar je toekomt als het je nodig heeft.

Schakel professionele hulp in

Wanneer je er samen met je kind niet uitkomt, is het heel belangrijk om niet te lang te wachten met het inschakelen van hulp. Jouw kind zit in een negatieve spiraal en zal zonder hulp steeds verder afglijden.

Ik kan je kind helpen om deze negatieve spiraal om te zetten in een positieve spiraal. Je kind zal meer zelfvertrouwen ontwikkelen, zichzelf beter leren kennen, groeien op persoonlijk vlak, assertiever worden en het zal weer durven stralen!

kind niet meer onzeker zelfvertrouwen

Eén op één faalangstbegeleiding voor kinderen

Tijdens de faalangstbegeleiding leert het kind de negatieve spiraal om te zetten naar een positieve spiraal, waardoor het stapje voor stapje weer meer zelfvertrouwen krijgt en leert om grenzen op te zoeken en te verleggen.

De begeleiding bij kinderen gaat 1-op-1. Tijdens het traject zal er ook geregeld contact zijn met de ouders, zodat deze het kind kunnen helpen waar nodig.

Het traject start met een uitgebreide intake. Tijdens deze intake onderzoek ik samen met het kind waar de problemen liggen en op welke vlakken hij of zij zelf graag dingen zou willen veranderen. Vervolgens gaan we in een aantal sessies aan de slag met de gezamenlijk opgestelde doelen. Het kind leert zijn faalangst onder controle te krijgen, assertiever te worden en meer zelfvertrouwen te ontwikkelen en het zal leren om zijn of haar grenzen te gaan verleggen. Dit doen we op een speelse en creatieve manier, door middel van oefeningen en gesprekken.

Stappenprogramma’s

Tijdens een begeleidingstraject doorlopen we de volgende 3 stappen:

  1. Onderzoeken waar de faalangst vandaan komt en op welke manier het invloed heeft op je kind
  2. Oplossingen zoeken om de faalangst de baas te worden
  3. Verankeren, zodat het kind na het programma niet weer terug valt in zijn oude gewoontes
Myrte Duijndam Vivas Coaching

Gratis en vrijblijvende kennismaking

Wil je weten wat ik voor jou kan betekenen? Neem dan contact op voor een gratis en vrijblijvend kennismakingsgesprek.

Dit artikel nog eens lezen? Bewaar het op Pinterest!

Faalangst bij kinderen

Plaats een reactie